“Wanneer ik met managers praat, voel ik hoe belangrijk zíj zijn. Wanneer ik met leiders praat, voel ik hoe belangrijk ík ben”

“Wanneer ik met managers praat, voel ik hoe belangrijk zíj zijn. Wanneer ik met leiders praat, voel ik hoe belangrijk ík ben”

Dat verschil hoorde ik voor het eerst toen ik 28 jaar was en las het op de Omdenken kalender laatst weer.

Ik had mijn eerste tijdelijke leidinggevende baan en bij mijn afscheid zei de voorzitter van de MR iets over het verschil tussen een manager en een leider.
Ik hoorde het aan, maar begreep het niet echt. Ik kwam net kijken.

Inmiddels begrijp ik het verschil wél…

Een manager stuurt op processen.
Een leider ziet mensen.

Een manager zorgt dat het werk afkomt.
Een leider zorgt dat mensen groeien.

Als leidinggevende is het wat mij betreft een van de belangrijkste taken om te laten merken: ik zie je. Dat is waar verbinding en vertrouwen ontstaan.

En nog iets wat ik in de loop der jaren leerde:

De leider moet écht op de leiderschapsstoel zitten.

Als die leeg blijft óf iemand er maar met een halve bil op zit, gaat vroeg of laat iemand anders op die leiderschapsstoel zitten.

Leiderschap vraagt dus niet alleen aandacht voor de ander, maar ook aanwezigheid in je eigen rol.

Deel dit bericht: